Meer verhalen in
ons AZIË-archief

MALAKKA / MALEISIË

Een historische hutspot

Tekst en foto’s: Eildert de Boer

 
Een historische hutspot

Een wandeling of ritje met de betjak door Malakka, de oudste stad van Maleisië, is een tocht door Euraziatische historie. Malakka is een fascinerende stad, ooit centrum van wereldhandel, nu op alle toeristische lijstjes van bezoekers aan Maleisië.Het heeft even geduurd, maar pas in de straat van de vele geloven, krijgt de reputatie van Malakka als hutspot van culturen voor mij gestalte.

De inwoners hebben de Jalan Tokong een bijnaam gegeven. Op korte afstand van elkaar staan hier een Sumatraanse moskee voor moslims, een Vinayagar-tempel voor Hindoes en de Cheng Hoon Teng-tempel voor Chinezen. Iets verderop staan kleinere en nieuwere Chinese tempels. Het is een opvallend rustig straatje in het drukke Malakka dat wordt geteisterd door het oprukkende verkeer.

Rijk houtsnijwerk in tempel

Wie voor de ingang van de Cheng Hoon Teng-tempel staat, is nog niet geïmponeerd. Dat verandert snel bij binnenkomst. Deze oudste tempel van Maleisië (uit 1645) is met geld van rijke Chinezen en donaties van bezoekers de eeuwen doorgekomen. 

In het islamitische Maleisië subsidieert de overheid uitsluitend moskeeën en krijgen initiatieven van moslims voorrang. Hindoes, Chinezen en anderen moeten het op eigen kracht doen.

 
Rijk houtsnijwerk in tempel

Cheng Hoon Teng (=heldere of groene wolken) is een waar toonbeeld van indrukwekkende Chinese bouwkunst. Ik sta nog niet koud op het toegangsplein of een Chinese man schiet mij aan en begint trots te vertellen over deze tempel. Nee, mister Lee is geen gids en wil ook geen geld. Hij is leraar aardrijkskunde en komt hier bijna dagelijks. Hij weet alles van deze tempel. Zijn spontane uitleg is niet te weerstaan.

"Weet je waarom hier een houten schot zit? Nee? Je kijkt dan automatisch naar beneden, buigt zodoende en toont respect voor onze tempelgoden. Kijk, deze bel is geschonken door mensen uit Tiel in Nederland."

Twee beelden van leeuwen trekken mijn aandacht. "Een man en een vrouw. Ze verbeelden de vruchtbaarheid en huwelijkstrouw," zegt mister Lee. In het lijf van de mannelijke leeuw zit een sleuf waarin zich een bal bevindt. "Laat de bal maar door je handen rollen, dat brengt geluk. Als je de bal er uit kunt krijgen, word je zeker rijk."Natuurlijk lukt dat niet. Het is nog nooit iemand gelukt. 

Het dak van de tempel bestaat uit rijk houtsnijwerk. Overal zijn de muurranden en daknokken versierd met mythische figuren. Een oase van vogels, bloemen en lakwerk komt je tegemoet. Alles vertelt een verhaal.

De tempel is gewijd aan de godin van barmhartigheid, de koningin van de hemel en de god van oorlog en rijkdom. Dagelijks komen de (invloedrijke) Chinezen van Malakka in de tempel eer bewijzen. Zij lopen met smeulende wierookstokjes in de handen tussen de monniken van beeld naar beeld.

Mister Lee wijst naar boven, naar een dwarsbalk die wordt getild door twee figuren. De een is blij, de ander steunt en kreunt. Volgens Lee een vreugdevolle Chinees en een tierende Hollander die moet werken.

Centrum van wereldhandel

Hollanders hebben geschiedenis geschreven in Malakka. Vanaf de oprichting van de Verenigde Oost-Indische Compagnie in 1602 hebben zij geprobeerd Malakka in handen te krijgen. Dat lukte pas in 1641. Malakka lag en ligt op de grens van twee moessons aan een brede waterweg: strategisch en gunstig voor handeldrijvende naties.

Dat ontdekten al eerder de Moren, de Arabieren en de Portugezen die Malakka in 1511 kolonialiseerden. De Hollanders hebben dus eerst de Portugezen er uit moeten werken en op hun beurt plaats moeten maken voor de Britten.

Tegenwoordig is het moeilijk voor te stellen dat Malakka ooit centrum was van de wereldhandel in goud, zijde en specerijen. De huidige stad heeft een paar bijzondere plekken , maar is geen streling voor het oog. De ooit machtige Malakka-rivier stinkt en is vervuild. De simpele woningen aan de rivier bieden een schilderachtige aanblik, maar eeuwen geleden moeten de grote (slag)schepen van wereldmogendheden een imposantere aanblik hebben geboden.

Onderdelen van het voor de kust van Malakka gestrande Portugese schip Flor de la Mar zijn een aantal jaren geleden naar boven gehaald. Ze dienden als voorbeeld voor de bouw van een kopieschip, ingericht als maritiem museum. Het enorme schip maakt indruk en activeert de fantasie over lang vervlogen tijden van piraterij.

 
Centrum van wereldhandel

Naast de Chinezen hebben de Portugezen en de Hollanders het meeste aan erfgoed achtergelaten. Straat - en familienamen, kerken en andere gebouwen herinneren daar aan. Het zijn deze attracties die Malakka jaarlijks veel toeristengeld opleveren. Ze liggen op loopafstand van elkaar. 

Heb je geen zin in wandelen, dan is er altijd wel een bonte betjak rijder die je graag wil vervoeren. Neem voor Malakka de tijd en blijf zeker een dag of drie om de stad te zien en de sfeer te proeven.

Oudste Hollandse bouwwerk

Wie vanaf de Cheng Hoon Teng-tempel de Jonkerstraat of de Heerenstraat ingaat, maakt kennis met een wereld op zichzelf. Die van opvallende architectuur, kunst en kitsch en gastvrijheid. De Jonkerstraat staat aangeven. Iedereen in Malakka kent de straat als Jonkerstraat en minder vaak bij de huidige naam Jalan Hang Jebat. De Heerenstraat heet officieel Jalan Tun Tan Cheng Lock.

De Jonkerstraat en de Heerenstraat beginnen bij een bruggetje. Wie op deze overspanning staat, ziet over het verkeer heen het historische of Hollandse plein liggen. 

Gestimuleerd door een subsidie van de plaatselijke overheid hebben de bewoners jaren geleden hun woningen en allerlei andere gebouwen rood geverfd. Hetzelfde rode lateriet van het Stadthuys en Christ Church, een hervormde Kerk, geheel uit geïmporteerde Hollandse bakstenen opgetrokken.

In het 16e eeuwse Stadthuys resideerde de Hollandse gouverneur. Nu is er een museum gevestigd waar fraaie Portugese en Hollandse wapens, kostuums, munten en schilderijen zijn te zien. Op een binnenplaats liggen oude bronzen kanonnen in bakken water.

Het Stadthuys is waarschijnlijk het oudste Hollandse bouwwerk in Azië. Tegenover het Stadthuys staat een opvallende 19e eeuwse klokkentoren en op hetzelfde plein Christ Church uit 1753. De kerk ligt vol grafstenen met inscripties. De houten banken zijn nog steeds in gebruik.

Op het oude stadsplein zijn enkele (souvenir)winkeltjes. In de buurt, bij de rivier, vind je eetstalletjes en eenvoudige restaurantjes. Het eten is lekker en goedkoop. Iedereen is altijd wel tot een praatje bereid met blanke bezoekers.

Machtig fort

In de Medan Portugis in Malakka zijn ook enkele Portugese restaurantjes gevestigd. Sommige Maleise families dragen nog Portugese namen als Da Silva en Diaz. Ook hier leeft de geschiedenis verder. Voor de Hollandse periode was Malakka 150 jaar in handen van de Portugezen. Zij wilden van Malakka een echte vestingstad maken en bouwden A Famosa, een machtig fort op de heuvel van St. Paul.

Van het fort is weinig overgebleven. Alleen de prachtige poort, de Porta de Santiago, staat er vol trots. Wie rond de heuvel loopt, komt ook de ruïne van de oorspronkelijke Portugese St. Paul Church tegen, gemarkeerd door een Engelse vuurtoren. Binnenin staan imposante Hollandse grafstenen.

Als een groepje Chinezen uit Malakka dit bouwwerk bewondert, lijkt alles wat de stad vertegenwoordigt zich samen te ballen: Chinees, Portugees, Hollands en Brits. Maar eenmaal terug bij de klokkentoren op het plein herinnert een groepje Maleise meisjes aan onvervalst Aziatisch heden en toekomst.

450 jaar koloniaal bewind

De boeiende historie van Malakka, de oudste stad van Maleisië, gaat zes eeuwen terug. Prins Parameswara uit Palembang, gevlucht nadat zijn prinsdom was veroverd, maakte begin 15e eeuw van het kleine gehucht een machtig handelscentrum.

Malakka, genaamd naar de boom waaronder de prins school, werd handelscentrum van zeevarende en handeldrijvende naties. Waar ooit lokale vissers en brutale zeezigeuners de dienst uitmaakten, wemelde het al snel van Arabieren, Javanen, Khmers en Chinezen. Vooral de laatsten drukten hun stempel op de stad. Ze mengden zich met de plaatselijke Maleiers en uit hun huwelijken kwamen de baba’s (mannen) en nyonya’s (vrouwen) voort. Deze peranakan (=hier geboren) hebben zich volledig geïntegreerd.

De strategische ligging van Malakka aan de westkust van Maleisië lokte ook andere naties.

Moorse handelaren uit Sumatra vestigden zich in Malakka en introduceerden in de 15e eeuw de islam die zich langzaam verspreidde over het Maleise schiereiland.

In 1511 vielen Portugezen onder leiding van admiraal Alfonso d’Albuquerque Malakka aan. Ze wilden de handel in specerijen beheersen en Malakka bekleedde daarin een sleutelpositie. De heerschappij van de Portugezen duurde tot 1641.

Hollandse soldaten van de Verenigde Oostindische Compagnie maakten een einde aan de bloeiende Portugese periode. De Hollanders bleven 150 jaar op Malakka. Een ordinaire ruil bracht Malakka in Britse handen. De Hollanders wilden het Britse Bencoolen op Sumatra en de Britten wilden het Hollandse Malakka.

In 1957 werd Maleisië onafhankelijk van de Britten en kwam er een eind aan bijna 450 jaar koloniaal bewind in Malakka. Voor de liefhebbers: de geschiedenis van Malakka is vormgegeven in een licht - en geluidsshow bij Bandar Hilir aan de Jalan Parameswara.

Reismagazine voor Azië
Reismagazine voor Azië Australië en Nieuw Zeeland