Batik
BATIK: WARE KUNSTVORM
Iedereen die in Indonesië of Maleisie is geweest, heeft er wel iets van: batik. Wie zich verdiept in de techniek en geschiedenis van batik, ontdekt een kunstvorm die respect verdient.
Er wordt hard gewerkt
in het atelier. Het is er warm en het ruikt naar gesmolten was, nat textiel
en stoom. De batikwerksters zitten met gebogen hoofd over de lappen stof.
Met het grootste geduld en concentratie volgen zij met hun pen, de canting,
de patronen die op het textiel zijn aangegeven. Het is een nauwkeurig
werkje; een druppel was op de verkeerde plek en het patroon is bedorven.
De canting wordt in de vloeibare was gedoopt zodat het containertje dat
aan de bamboe pen is bevestigd, volloopt. Door even te blazen wordt voorkomen
dat het vet te vloeibaar is en gaat lekken. Met geoefende hand wordt de
was aangebracht op de delen die in het kleurbad ongekleurd moeten blijven.
De canting raakt de stof niet, maar wordt er voorzichtig boven gehouden.
Heel langzaam, stukje voor stukje, ontvouwt zich een patroon van witte
was. Dan is de stof klaar voor het eerste kleurbad.
Symbolische
betekenis
Batik is een techniek die al eeuwen wordt beoefend. Deze wijze van stofbewerking
wordt vooral geassocieerd met Java, Indonesië. Hoewel vroege vormen
van batik ook zijn aangetroffen in het Midden-Oosten, India en Centraal-Azië,
is dit de plek waar batik is uitgegroeid tot een ware kunstvorm.
In het verleden was het gebruik van met batik bewerkte textiel uitsluitend
weggelegd voor vooraanstaande mensen. Aristocraten en leden van de koninklijke
familie op Java droegen kleding van gebatikte stoffen. Het kleurgebruik
en de patronen hadden vaak een symbolische betekenis. Zo representeerden
de traditionele kleuren indigo, bruin en het wit van de onbewerkte stof,
de drie hindoegoden Shiva, Vishnu en Brahma. Bepaalde patronen verbeeldden
specifieke familiekenmerken, sociale status of afkomst.
Grote stempel
Batik heeft door de eeuwen heen een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Behalve
de verbetering en verfijning van de materialen, heeft ook de techniek
zich ontwikkeld. In de 19e eeuw maakte de cap zijn intrede. De cap is
te vergelijken met een groot formaat stempel waarin een deel van een patroon
in koperen strips is gevormd. Hoewel er sneller gewerkt kan worden, is
het aanbrengen van de in was gedoopte cap een secuur werkje. De afdrukken
moeten naadloos op elkaar aansluiten en aan weerskanten van de stof moeten
de patronen precies op elkaar passen. Voor de betere kwaliteit batik wordt
wel een combinatie toegepast van cap en canting, het handmatig aanbrengen
van de was met de bamboe pen.
In het ontwerp van de patronen is in de loop der tijd veel veranderd.
Batik kraton, de oorspronkelijke vorm van Javaans batik, is vooral beïnvloed
door het hindoeïsme. Herkenbare symbolen uit het hindoeïsme,
zoals de heilige vogel Garuda, de lotusbloem en de boom des levens zijn
steeds terugkerende elementen in deze batikstijl. Islamitische invloeden
zijn terug te vinden in de meer geometrische en botanische figuren die
in de batik werden opgenomen.
Ook invloeden van buitenaf hebben een bijdrage geleverd. Toen de Hollanders
het eiland Java bereikten, kwamen zij in contact met batik. Ze namen voorbeelden
van de techniek mee naar huis en zorgden zo voor de verspreiding van het
procédé in Europa. Omgekeerd brachten zij nieuwe kleurstoffen
naar Indonesië en introduceerden motieven die werden opgenomen in
de traditionele batikpatronen. Pasteltinten en karakteristieke figuren
als draken, bloemen en de phoenix werden ingebracht door de Chinezen,
die de batiktechniek overigens in eigen land ook toepasten en ontwikkelden.
Batik is herontdekt door de artistieke wereld. De meest vooruitstrevende
modeontwerpers en kunstenaars passen het toe in hun creaties. Door de
verfijning van techniek en materialen is alles mogelijk. Het kleurenpalet
is oneindig en behalve traditionele patronen kunnen ook vrije vormen in
batik worden omgezet.
